
Dikke bovenbenen en cellulitis komen vaak samen voor en hebben in veel gevallen een hormonale oorzaak. Cellulitis, vaak zichtbaar als sinaasappelhuid, komt veel voor bij vrouwen met dikke bovenbenen en is vaak gelinkt aan hormoonverstoringen zoals oestrogeendominantie. Een van de plekken waar cellulitis zich vaak vormt, is de bovenbenen en billen. Maar waarom juist daar? In dit artikel bespreken we de oorzaken van dikke bovenbenen en cellulitis, de rol van hormonen in vetopslag, en wat je zelf kunt doen om de symptomen te verminderen.
Download het gratis e-book “Wat je hormonen je willen vertellen” met een hormonen test en ontdek wat je nú al kunt doen om beter voor jezelf te zorgen, zonder strenge regels of ingewikkelde stappen.
Wat is cellulitis en waarom komt het vaak voor op de bovenbenen?
Bovenbenen en billen zijn de gebieden waar cellulitis, ook wel sinaasappelhuid genoemd, vaak voorkomt. Cellulitis ontstaat wanneer vetcellen zich onder de huid opstapelen en het bindweefsel in de huid verstoord raakt. Het resultaat is een onregelmatige, hobbelige huidstructuur. Hoewel cellulitis niet gevaarlijk is, kan het wel cosmetisch storend zijn. Het komt vaker voor bij vrouwen, omdat deze gebieden gevoelig zijn voor vetopslag door de werking van hormonen.
Oestrogeendominantie en vetopslag
Een van de belangrijkste factoren die bijdragen aan dikke bovenbenen en cellulitis is oestrogeendominantie. Dit houdt in dat er een teveel aan oestrogeen in het lichaam aanwezig is in verhouding tot andere hormonen zoals progesteron. Oestrogeen speelt een belangrijke rol in het reguleren van vetopslag, vooral in de billen, heupen en bovenbenen. Wanneer er te veel oestrogeen in je lichaam is, kan dit leiden tot overmatige vetopslag in deze gebieden.
Een van de oorzaken van oestrogeendominantie is blootstelling aan zogenaamde xeno-oestrogenen, synthetische stoffen die zich gedragen als oestrogeen maar geen biologische werking hebben. Deze stoffen komen voor in alledaagse producten zoals cosmetica, schoonmaakmiddelen, parfums, geurstokjes, pesticiden, en plastic producten. Zelfs sommige vaccins en anticonceptiemiddelen bevatten stoffen die het oestrogeenniveau in het lichaam kunnen verstoren.
De rol van de lever in vetopslag
De lever speelt een cruciale rol in het afbreken van hormonen en het verwerken van toxische stoffen in het lichaam. Wanneer de lever niet goed functioneert, kunnen deze hormonen en toxische stoffen zich ophopen in het vetweefsel, vaak in de bovenbenen en billen. Dit komt omdat oestrogeen een directe invloed heeft op de vetverdeling in het lichaam.
Als de lever overbelast is en niet goed in staat is om deze stoffen af te breken, zal het lichaam ze opslaan in vetcellen. Dit proces draagt bij aan de vetopslag in de bovenbenen en kan de ontwikkeling van cellulitis bevorderen. Het is dus belangrijk om de lever te ondersteunen door middel van een gezonde levensstijl en voeding, zodat de vetverwerking optimaal kan verlopen.
Andere factoren die cellulitis kunnen verergeren
Naast oestrogeendominantie zijn er verschillende andere factoren die kunnen bijdragen aan het ontstaan of verergeren van cellulitis:
- Verstoorde hormoonbalans
Een disbalans tussen oestrogeen en testosteron kan cellulitis verergeren. Wanneer het oestrogeenniveau te hoog is in verhouding tot testosteron, neemt de kans op vetopslag en cellulitis toe. Ook een laag niveau van groeihormoon kan bijdragen aan het probleem. - Slechte doorbloeding
Een slechte doorbloeding kan de afvoer van afvalstoffen bemoeilijken, wat cellulitis kan verergeren. Goede doorbloeding is essentieel om overtollig vocht en afvalstoffen af te voeren. - Genetische aanleg
Genetica speelt een rol in hoe en waar je lichaam vet opslaat. Sommige mensen hebben van nature meer kans op cellulitis op specifieke plekken, zoals de bovenbenen. - Levensstijl en omgevingsfactoren
Roken, gebrek aan beweging en blootstelling aan hormoon verstorende stoffen zijn allemaal factoren die cellulitis kunnen verergeren. Een ongezonde levensstijl kan de algehele gezondheid van de huid en het bindweefsel negatief beïnvloeden.
Wat kun je zelf doen tegen dikke bovenbenen en cellulitis?
- Beperk blootstelling aan hormoon verstorende stoffen. Probeer het gebruik van producten die xeno-oestrogenen bevatten te verminderen. Kies voor natuurlijke en biologische cosmetica en schoonmaakmiddelen. Vermijd plastic producten die BPA bevatten, en gebruik waar mogelijk glazen alternatieven. Ook het verminderen van de blootstelling aan pesticiden door biologische of je groenten en fruit grondig te wassen kan helpen. Wil je hier dieper op ingaan, lees dan ook deze blog over hormoonverstorende stoffen en hun invloed op cellulitis en vetopslag.
- Eet gezond en ondersteun je lever. Gezonde voeding is essentieel voor het goed functioneren van je leveren het afbreken van hormonen. Eet veel groenten, vooral koolsoorten zoals broccoli, boerenkool en spruitjes, die helpen bij de ontgifting van het lichaam. Vermijd bewerkte voedingsmiddelen en suiker, en zorg voor voldoende vezels om de spijsvertering te ondersteunen.
- Beperk alcoholinname. Alcohol kan de leverfunctie belasten, dus het beperken van je alcoholinname kan helpen om de vetverwerking te verbeteren. Omdat alcohol de lever extra belast, kan het herstel van je hormoonbalans vertragen. In deze blog over de invloed van alcohol op je hormonen lees je hier meer over.
- Vermijd stress. Daarnaast heeft stress een negatieve invloed op je hormoonbalans, waardoor het oestrogeenniveau kan stijgen. Probeer stress te verminderen door ontspanningstechnieken zoals meditatie, yoga, of ademhalingsoefeningen.
Conclusie: dikke bovenbenen en cellulitis
Dikke bovenbenen en cellulitis zijn vaak een teken dat je hormoonbalans uit balans is, vooral door oestrogeendominantie en een overbelaste lever. Door kleine aanpassingen in je voeding, leefstijl en het vermijden van hormoonverstorende stoffen kun je je hormonen ondersteunen, je vetverwerking verbeteren en je huidstructuur positief beïnvloeden.
Welke kleine verandering ga jij deze week toepassen om je hormonen te ondersteunen en je huid of energie een boost te geven?



